Startersaftrek

De minister stelde dat de startersaftrek “niet effectief bijdraagt aan extra ondernemerschap” en verwees daarbij naar onderzoek. Dat is een stevige conclusie. Juist daarom vraagt dit om een zorgvuldige toelichting.

De vraag is namelijk: wat wordt hier precies onder ‘effectiviteit’ verstaan?
Gaat het om meer starters op papier?
Of om de haalbaarheid van de startfase zelf?

De startersaftrek is nooit bedoeld als groeiversneller of instroominstrument.
Het is een tijdelijke fiscale correctie in een fase met lage en onzekere inkomsten, waarin starters vaak zelf zorgen voor buffers, AOV en pensioen.

Wanneer beleid vooral kijkt naar meetbare instroom, verschuift de redenering ongemerkt. Dan draait de discussie minder om het ondersteunen van een kwetsbare fase en meer om de vraag of die ondersteuning direct zichtbaar genoeg is in cijfers.

Als gesteld wordt dat de startersaftrek “niet effectief” is, dan verdient vooral de redenering achter die conclusie een heldere onderbouwing.

Niet omdat elke regeling behouden moet blijven.
Maar omdat beleid dat starten lastiger maakt, méér vraagt dan alleen een verwijzing naar onderzoek

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar boven